Apenmanieren
Ik heb net enkele boeken van Frans de Waal gelezen (De aap in ons & De aap en de sushimeester). Beide zeer aangenaam leesbare en interessante boeken, waarvan ik de ‘Aap in ons’ de beste vond. In dit boek worden overeenkomsten besproken tussen de mens, en zijn meest nabije verwanten, nl de bonobo’s en de chimpansees. Deze mensapen hebben net als ons een zelfbewustzijn, en een moraal (die natuurlijk minder verfijnd is dan de onze, maar toch ook niet zoveel minder).

Ik was ook verrast door de hoeveelheid handelingen die we gemeen hebben met deze mensapen en waarvan we dachten dat ze uniek menselijk waren. Zulke handelingen zijn ondermeer elkaars hand vastnemen om iemand naar een plek toe te leiden of om te helpen, tongzoenen, gewoon zoenen en elkaar omhelzen ter verzoening of om afscheid te nemen, vrijen met aangezichten aan elkaar (enkel bij bonobo’s), de kin in de handpalm nemen om iemand te troosten, enzovoort.
Het is onthullend om te zien hoeveel we gemeen hebben deze niet pratende-medeprimaten, en het kan enkel maar meer stemmen tot nederigheid, en inzien dat mensen dierlijk kunnen zijn en dieren ook heel menselijk kunnen zijn.
Kris Verburgh (www.krisverburgh.com)
Filed under: Evolutie | 1 Comment
[Quote]Het is onthullend om te zien hoeveel we gemeen hebben deze niet pratende-medeprimaten, en het kan enkel maar meer stemmen tot nederigheid, en inzien dat mensen dierlijk kunnen zijn en dieren ook heel menselijk kunnen zijn.[/Quote]
En onder verwijzing naar je artikel in de Volkskrant van maandag 7 januari 2008 (Mysticus denkt als een konijn).
De denkende, categoriserende en concptualiserende mens die jij hier tegenover het dier plaatst was zo’n 25.000 jaar geleden eigenlijk ook nog een dier. En sinds die tijd is er genetisch natuurlijk niet erg veel veranderd.
Wat is er wel veranderd ?
De Chinezen -die als één van de eersten een “feodale landbouw-beschaving” ontwikkelden- schreven al zo’n 3-4000 jaar geleden over “de ouden” die nog in de “natuurlijke staat” verkeerden, een begrip dat ook in het India uit die tijd bekend is (de wijzen in het bos die mondeling de Veda’s aan hun leerlingen overdroegen).
De ontwikkeling van complexe sociale structuren, concepten en taal vervreemden de mensen meer en meer van de natuurlijke manier van leven die ze daarvoor hadden.
Die natuurlijke staat is wat de mysticus prijst (ik wil hier niet het woord “bereiken” noemen omdat doelen stellen haaks staat op die natuurlijke staat.)
Ik ontken niet de waarde van onze “beschaving”, maar ik stel dat gelukkig zijn een toestand is zonder voorwaarden, die dus op geen enkele manier bereikt kan worden (!) en waartoe dus de verworvenheden van onze beschaving ontoereikend zijn.
Mijn aanvulling op je gewaardeerde bijdrage luidt dus :
Laten we onze menselijke beschaving omarmen, maar niet vergeten dat waar we in concepten, regels en woorden over spreken en denken slechts een slap aftreksel is van de directe ervaring en dat de illusie dat wij de “doeners” van ons handelen zijn een nadere inspektie niet kan overleven.
Wat jij “denken als een konijn” noemt, noem ik sponaniteit en authenticiteit.
Alex Mulder Utrecht